- Advertentie -
Meer
    - Advertentie -
    HomeNieuwsEdwin Verberght: “Potje van veel binnenvaarders loopt over”

    Edwin Verberght: “Potje van veel binnenvaarders loopt over”

    - Advertentie -

    Delen

    Vergroening, digitalisering, personeelstekort… Al deze onderwerpen leggen toenemend druk op ondernemers in de binnenvaart. Edwin Verberght roept binnenvaartondernemers op terug te keren naar hun belangenbehartigers en van daaruit samen met overheden, kennisinstituten en ketenpartners naar oplossingen te zoeken.

    Verberght combineert zijn baan aan de Universiteit Antwerpen tegenwoordig met werkzaamheden voor zijn eigen consultancybedrijf VeRiver Research & Consulting. Voor de universiteit is hij bezig met de organisatie van de vierde editie van Antwerp Inland Navigation School (AINS). Van 22 tot en met 26 april doen de deelnemers uit heel Europa mee aan kennissessies over de binnenvaart en bedrijfsbezoeken. Studenten van de universiteit kunnen opnieuw studiepunten scoren met hun deelname.

    Bruggen bouwen

    Als zelfstandig consultant is Verberght voor onder meer EBU-ESO, FBB, KBV en VBR betrokken bij actuele binnenvaartonderwerpen. Hij brengt zijn kennis is, geeft investeringsadvies en maakt nieuwkomers wegwijs in de sector. Hij wil bruggen slaan tussen overheden, onderwijsinstellingen, binnenvaartondernemers en burgers. Verberght, zelf schipperszoon, noemt samenwerking essentieel om grote, actuele uitdagingen in de sector op te lossen.

    “Natúúrlijk willen we en moeten we vergroenen, maar wie betaalt de rekening?”

    Zo worden hoofdzakelijk kleine en middelgrote familiebedrijven geconfronteerd met complexe automatisering en digitalisering. “Daar moet je de mensen in meekrijgen. Ondanks de vele innovatieve bedrijven die in de sector actief zijn, hoor ik ook nog steeds de meest wilde verhalen over automatisering en digitalisering. Ik zou sceptici willen uitnodigen om eens te gaan kijken bij bedrijven die dat ontwikkelen – dan weet je waar het over gaat.”

    “De sector vergrijst en heeft een enorm personeelstekort. Zulke systemen kunnen ook bijdragen aan veiligheid en gezondheid, als je weet hoe je ze moet gebruiken. Dat wil niet zeggen dat de mens overbodig wordt. De uitstekende schippers en stuurmannen die we op de Europese vaarwegen hebben, zullen ook in de toekomst nodig blijven. We gaan wel steeds meer toe naar een samenspel tussen mens en techniek. Wie daar niet voor openstaat, schiet in zijn eigen voet.”

    Bemanningsregels

    Automatisering kan er ook toe leiden dat op termijn met minder bemanningsleden mag worden gevaren. De huidige bemanningsvoorschriften zijn volgens Verberght sowieso aan modernisering toe. “Ik snap niet waarom je in deze hoogtechnologische tijd nog steeds minimaal vijf man nodig hebt om met een modern 110-meterschip te mogen varen in exploitatiewijze B. Ook zijn er qua bemanningsvoorschriften nog grote verschillen tussen de Europese lidstaten onderling. Je moet als binnenschipper bijna professor zijn om dat Babylon nog te kunnen begrijpen.”

    Ook het binnenvaartonderwijs kampt met uitdagingen. In Vlaanderen sloeg de sector reeds eind 2020 alarm naar aanleiding van de nieuwe Europese richtlijn over de beroepskwalificaties, die door de Vlaamse overheid relatief snel en vrij letterlijk geïmplementeerd is. “Niet iedereen zag aankomen dat we daar niet helemaal klaar voor waren. Knelpunten waren onder meer de bestaande opleidingen, het gebruik van de simulator, de opleidingsduur en erkenning van de vaartijd. Nederland heeft dit anders aangepakt: eerst de scholen voorbereiden door ze uit te rusten met nieuwe simulatoren en een nieuw schoolschip en dan pas de richtlijn implementeren.”

    De nieuwe richtlijn luidde in Vlaanderen het einde in van de verkorte opleiding tot matroos van vier maanden en zestig vaardagen. Matrozen in spe moeten nu minimaal negen maanden studeren volgen en negentig vaardagen bijeensprokkelen. Andere trajecten duren nog langer.

    Verberght: “Dat zou dankzij moderne technologie toch sneller en met minder vaardagen moeten kunnen? Het is ook nog steeds mogelijk dat mensen wel het vereiste aantal vaardagen hebben, maar nog nooit een stuurhut van binnen hebben gezien. Wellicht moeten we dat toch eens samen herbekijken.”

    Ivoren toren

    Qua beroepskwalificaties zijn er binnen de Europese Unie nog steeds verschillen. Zo hoeft een lichtmatroos niet in alle landen verplicht een Basic Safety-cursus te volgen om een dienstboekje te kunnen krijgen. Volgens de richtlijn geldt dit alleen voor deksmannen, maar dat wordt niet overal gevolgd.

    “We moeten er overigens ook voor zorgen dat deksmannen meer meetellen, zodat ook de zij-instroom gemakkelijker haar weg vindt en kan doorgroeien. De ‘volmatroos’ in de exploitatietabellen A1 en B klinkt archaïsch en is tenslotte slechts één jaar in een loopbaan. Ik hoop dat bij een herziening en Europese harmonisering de tabellen A1, A2 en B niet voor twintig jaar in beton worden gegoten en dat CESNI een belangrijke rol krijgt om tweejaarlijkse herzieningen mogelijk te maken. De overheden moeten uit de ivoren toren komen en aan boord gaan luisteren naar de mensen. Sectororganisaties spelen hier een belangrijke rol in.”

    Opleidingsschip Ab Initio heeft in Nederland een grote aantrekkingskracht op jongeren, ziet Edwin Verberght. (foto E.J. Bruinekool Fotografie)

    Schoolschip

    Op dit moment investeren slechts enkele landen in binnenvaartonderwijs. In Vlaanderen wordt nagedacht over een nieuw schoolschip. “Misschien één met wat minder toeters en bellen dan het Nederlandse opleidingsschip Ab Initio van STC? Wij hebben immers een kleinere groep potentiële studenten en minder middelen.”

    Anderzijds heeft de ultramoderne Ab Initio een aanzuigende werking op jongeren, ziet Verberght. “We moeten hoe dan ook meer en beter in onderwijs investeren. Niet alleen in bakstenen en een schoolschip, maar ook in docenten, opleidingen en erkende simulatoren. Daarnaast hebben we behoefte aan een Europese campagne rond werkgelegenheid en carrière in de sector. Je moet je werknemers ook weten te behouden.”

    “Veel binnenvaartbedrijven hebben geen eigen HR-afdeling of een moderne visie hierop. Hier is een duidelijke rol weggelegd voor de Europese en nationale koepelorganisaties zoals het IWT-Platform, ESO, EBU, KBN en KBV om ondernemers hierin te helpen en te ondersteunen.”

    “Mensen voelen zich steeds meer vervreemd van het beleid”

    Vaarwegen

    En dan de infrastructuur… Ondanks de enorme inhaalslag van de afgelopen jaren op de Vlaamse vaarwegen en in de havens, is de bevaarbaarheid nog steeds niet van ‘Nederlands niveau’. “Een derde van alle ongevallen is het gevolg van banden, touwen of zelfs matrassen in de schroef. En als je kunstwerken laat verouderen, krijg je op den duur ook problemen met je integraal waterbeleid, zoals de wateroverlast heeft laten zien. Dit is het gevolg van jarenlange besparingen.”

    “Politici beseffen dat dit aanslepende problemen zijn, maar nemen het zelden op in hun partijprogramma’s. In Nederland gebeurt dat veel meer. Nederland lijkt dan ook meer op een zakenland waar scheepvaart enorm belangrijk is.”

    “Het Belgische exportproduct lijkt inmiddels vooral diplomatie en politiek; wij zijn dé publieke sector van Europa geworden met wat bier en chocolade, zo lijkt het wel. Het is tijd om te stoppen met politieke praatjes over vergroening in de binnenvaart en landbouw. Natúúrlijk willen we en moeten we vergroenen, maar wie betaalt de rekening? Het subsidiebeleid voor verduurzaming verschilt dan ook nog eens van lidstaat tot lidstaat. In Vlaanderen is het potje voor de Green Deal Binnenvaart voorlopig nog quasi-leeg in vergelijking met onze buurlanden. Onder zulke omstandigheden maak je ondernemers eerder boos dan enthousiast.”

    Vervreemd

    Het zijn ontwikkelingen die volgens Verberght tot ontheemding leiden. “Mensen voelen zich steeds meer vervreemd van het beleid. Het is zorgwekkend hoe diep die kloof geworden is. Niet alleen in de binnenvaart. Tijdens de recente, onaangekondigde staking van Vlaamse sluiswachters stond mijn telefoon roodgloeiend. Ik heb geprobeerd een aantal ondernemers zo goed mogelijk te helpen.”

    “Zo’n staking verbrandt enorm veel geld bij onze ondernemers. Maar liefst vijf dagen lang stonden binnenvaartondernemers ronduit in de kou. We hadden zelfs een hoogzwangere aan boord van een schip dat geen ligplaats met walaansluiting kon krijgen. Dat zijn drama’s. Ik ben er wel heel fier op dat de sector tijdens die staking op een voorbeeldige en professionele manier in de media is gekomen. Maar eerlijk: het potje loopt bij veel mensen over.”

    Blijven samenwerken

    Hoe verder? “Blijven praten”, zegt Verberght. “Alleen via overleg en samenwerking, dossierkennis en op basis van feiten krijg je dingen voor elkaar. Het duurt vaak lang en is intensief, maar er zijn geen alternatieven. Met demonstreren, protesteren of als internetheld los je de problemen niet op.”

    “Ik zou binnenvaartondernemers willen adviseren om vertrouwen te stellen in hun belangenvertegenwoordigers die zich steeds meer professionaliseren. Desondanks hebben veel binnenvaartorganisaties de laatste jaren het ledenaantal zien slinken.”

    “Toch hebben ze, zij het met wisselende resultaten, al heel wat ondernemers kunnen helpen. Zo is de samenwerking binnen het Europese IWT-platform voordelig voor de sector en wordt er meer geluisterd in de Europese hoofdsteden. Laten we niet vergeten dat de sector van ver komt. Nog niet eens zo lang geleden hadden we allemaal losse clubjes, nu werken ze samen. De voorbije tien jaar is er een belangrijke omslag gemaakt, in Vlaanderen met het KBV en in Nederland met het KBN. Zo moeten we verder.”

    Door Sarah De Preter

     

     

     

     

    Delen

    - Advertentie -

    Meer

    3 reacties

    1. Zeer goed artikel van Edwin hier staat volkomen de waarheid in . Ik wist niet dat Edwin zo de binnenvaart belangen wil verdedigen Als schipper met pensioen met 3 varende kinderen wil ik graag meehelpen iets te behalen om de minimum bemanning te verlagen . Met onze moderne schepen met Spudpalen kan 1 kapitein en 1 matroos steeds in geval van calamiteiten tot stilstaand brengen . Een tijdelijke bemaningsvermindering zodat de schippersvrouw ( 2 de kapitein ) de vrijdag en maandag de kinderen van en naar school kan brengen zou een hele verbetering zij. . Zo blijven de vrouwelijke bemanning ook veel langer aanboord . Nu zien we vaak als de kinderen schoolplichtig worden vrouwen aan de wal blijven .
      Met vriendelijke groeten
      Rifaut Patrick

    2. Mr Verbercht ,u hebt volkomen gelijk maar dat is wel een werk van lange adem ,begin met de simpelste oplossingen ;ons terug beschouwen als deskundige mensen die weten waar we mee bezig zijn ,laat de politiek daar buiten want die hebben al bewezen dat die er niets van bakken alsook de media als ik hun gesputter hoor op T V dan kruip ik diep in mijn zetel wat een onkunde .Afvarend. Van iffezhem naar Lobith niemand vraagt wat maar eenmaal heb je een Marconist nodig om je door een doolhof van marifoon kanalen te loodsen waarvan gebleken is dat het niet altijd werkt .dat is al een goed begin .veel werk aan de winkel en sta achter u .

    Laat een reactie achter

    Vul uw opmerking in!
    Vul je naam in

    - Advertentie -
    - Advertentie -

    - Advertentie -
    - Advertentie -