Er is van alles mis met de kunstwerken op de Nederlandse vaarwegen. Het achterstallige onderhoud en het personeelstekort bij Rijkswaterstaat maken de situatie tamelijk uitzichtloos, staat te lezen in een uitgebreid artikel in het Reformatorisch Dagblad. Plannen voor oplossingen op de korte termijn worden door minister Van Nieuwehuizen in september gepresenteerd bij de begroting voor de komende jaren. Medio 2020 komt ze met de plannen voor de lange termijn.

“Rijkswaterstaat moest tussen 2008 en 2012 zijn personeelsbestand met 2200 fte inkrimpen”, vertelt een anonieme bron binnen Rijkswaterstaat in het artikel in het Reformatorisch Dagblad. “Dit gebeurde niet middels gedwongen ontslagen, maar via natuurlijk verloop: als oudere werknemers afzwaaiden kwamen er geen nieuwe voor terug. Hun opgebouwde kennis van een bepaalde sluis ben je kwijt, want ze konden haar niet op nieuwe collega’s overdragen. Onze buitenmensen kenden zo’n sluis door en door; ze konden het soms horen als een tandwiel scheef ging lopen. Ze verholpen dat voordat het fout ging.”

In plaats hiervan besteedt Rijkswaterstaat het onderhoud nu uit aan aannemers, op basis van prestatiecontracten. „Het idee was dat het goedkoper zou zijn: het kabinet verwachtte dat opdrachtnemers vernieuwender en efficiënter zouden werken dan eigen ambtenaren. Maar bij de start van een contract heb je eerst heel vaak juridisch getouwtrek over wat er wel en niet binnen de opgegeven werkzaamheden valt. Wat niet in het contract staat, doen aannemers enkel tegen meerprijs; ook dingen die wij vanzelfsprekend vonden. Het doel van de oude werknemers bij Rijkswaterstaat was om sluizen in zo goed mogelijke staat te houden. Het doel van aannemers is om financieel het hoofd boven water te houden. Dat is een eerlijke zaak, maar het komt de kwaliteit van het onderhoud niet altijd ten goede. Wie te laag heeft ingeschreven, kiest er bijvoorbeeld voor om het onderhoudsregime aan te passen. Dat scheelt geld, terwijl die sluis dat heus wel een paar jaar kan hebben. Maar de slijtage gaat dubbel zo snel.”

Straffeloos

Dit kan straffeloos gebeuren, want toezichthouders vanuit Rijkswaterstaat zijn er niet. „Eerst wel, maar Rijkswaterstaat besteedt sinds 2012 ook het toezicht op onderhoud en functioneren van objecten geheel aan de aannemers uit. Die houden nu zelf toezicht op de naleving van het contract.”

Dat wordt overigens tegengesproken door een woordvoerder van Rijkswaterstaat, die stelt dat ingenieursbureaus toezicht houden, die er belang bij hebben dat dit goed gebeurt.

In hetzelfde artikel vertelt Leny van Toorenburg, beleidsadviseur Nautisch Technisch & Infra bij de Koninklijke BLN-Schuttevaer, over de hachelijke situatie bij sommige sluizen, met name op de Maasroute. “Simpelweg doordat daar de meeste sluizen liggen.” De Algemene Rekenkamer rekende voor dat er 400 miljoen euro aan achterstallig onderhoud is. Bovendien zijn veel bruggen en sluiscomplexen in Nederland (bijna) aan het einde van hun levensduur zijn. Sluizencomplex Belfeld aan de Maas is in 1914 gebouwd. Van Toorenburg: “Tussen 2020 en 2050 staat het Rijk een enorme vervanging van natte kunstwerken te wachten. Hier houdt het momenteel onvoldoende rekening mee.”

Het wachten is op de plannen van de minister.

Het artikel in het Reformatorisch Dagblad

Article bottom ad

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.