Overslagrecord voor Rotterdam

0

De goederenoverslag in de Rotterdamse haven is dit jaar toegenomen tot 430 miljoen ton. Dat is 11,1 procent meer dan in 2009 en 2,1 procent meer dan in het vorige recordjaar 2008.

De aanvoer groeide 12 procent tot 306 miljoen ton; de afvoer nam met 9 procent toe tot 124 miljoen ton. Het massagoed groeide met 11 procent. De overslag van kolen liep bijna 2 procent terug en die van agribulk bleef stabiel. De andere goederensoorten groeiden: ertsen en schroot (71 procent), overig droog massagoed (22 procent), ruwe aardolie (4 procent), minerale olieproducten (7 procent), overig nat massagoed (8 procent), containers (12 procent), roll on/roll off (5 procent) en overig stukgoed (16 procent).

♦ Lees ook “Haven moet doorpakken om positie te behouden”

Hans Smits, president-directeur van het Havenbedrijf Rotterdam: “Dit resultaat is boven verwachting. Een recordoverslag voor de haven en het Havenbedrijf investeerde een recordbedrag van 460 miljoen euro. Dit jaar is de overslag vooral gestimuleerd door de met 15 procent gegroeide wereldhandel en de bloeiende Duitse economie. In 2011 zullen de overheidsbezuinigingen in heel Europa sterker gevoeld gaan worden. Aan de andere kant blijft Rotterdam de hartslag van de wereldeconomie voelen en doorgeven. Ik ben dan ook voorzichtig optimistisch over de overslag, die naar ik verwacht met 2 à 3 procent zal groeien tot circa 440 miljoen ton.”

Droog massagoed
De totale behandelde hoeveelheid droog massagoed nam toe met bijna 28 procent tot 85 miljoen ton. De overgeslagen hoeveelheid kolen liep echter 1,7 procent terug naar 24 miljoen ton. Het gebruik van ketelkolen liep terug door de verminderde energievraag vanuit de teruggelopen economie en de lage aardgasprijzen. Daarnaast werd ingeteerd op in 2009 opgebouwde voorraden. De overslag van cokeskolen, circa 40 procent van de Rotterdamse kolenaanvoer, bewoog mee met de toenemende staalproductie. In 2011 is een toename van de kolenoverslag tot 25-26 miljoen ton realistisch omdat voorraden zijn afgebouwd. Structureel blijven kolen een groeiproduct door de voorgenomen – maar weer uitgestelde –mijnsluitingen in Duitsland.
De overslag van ertsen en schroot sprong met +71 procent weer terug naar bijna 40 miljoen ton. De vraag naar staal door vooral de Duitse autoproducenten nam sterk toe en ook de, tijdelijke, productie van straalbrammen door ThyssenKrupp voor de Verenigde Staten vroeg extra ertsaanvoer. In het vierde kwartaal lag de overslag lager door hoge voorraadniveaus en tijdelijke capaciteitsreducties bij staalfabrieken.
Voor 2011 is de verwachting gematigd positief. Ondanks prijsstijgingen van grondstoffen wordt een iets grotere productie van ijzer en staal verwacht. Dit leidt tot een voorzichtige overslagprognose van maximaal 41 miljoen ton.
Het overig droog massagoed (mineralen, ertsconcentraten, bouwmaterialen) groeide met ruim 22 procent tot 12,5 miljoen ton. Dit is 4 procent boven het niveau van voor de crisis. De belangrijkste gebruikers in dit segment, de chemische en de metaalindustrie, herstelden zich goed. De derde grote afnemer, de bouwsector, is laatcyclisch en blijft nog weinig vraag genereren. Omdat ook het herstel van de staalsector onzeker is, is in 2011 weinig groei te verwachten van de overslag van het overig droog massagoed.
De overslag van agribulk (granen, oliezaden, derivaten) is stabiel gebleven op 8,4 miljoen ton. Het Europese oogstjaar 2009-2010 was goed en dat drukt altijd de import via Rotterdam. Het oogstjaar 2010-2011 is beduidend minder en dit stimuleerde in het laatste kwartaal 2010 meteen de import. Daar staat tegenover dat de persinstallatie van ADM minder overzeese aanvoer van soja had door aanvoer van raapzaad uit het Europese achterland.

Nat massagoed
Het overgeslagen volume nat massagoed steeg met krap 6 procent tot 209 miljoen ton. De aanvoer van ruwe olie nam toe met 4 procent tot 100 miljoen ton, het niveau van 2008. De vraag naar olieproducten in West-Europa leed onder de crisis en leidde tot sluiting of productiebeperking van minder efficiënte raffinaderijen in Noord-Frankrijk en Noord-Duitsland. Dat is in het voordeel van de grotere en meer flexibele raffinaderijen in Rotterdam. Daardoor konden ze ook goed meekomen in de concurrentieslag die steeds mondialer wordt.
De aanvoer van olieproducten groeide met 1 procent tot krap 43 miljoen ton; de afvoer met 15 procent tot ruim 34 miljoen ton. In totaal werd (weer) een recordhoeveelheid van 77 miljoen ton (+7 procent) behandeld.
De sector groeit al een jaar of tien uitbundig. In 2009 werd vooral in het eerste kwartaal uit drijvende opslag voorraad afgebouwd door stijgende prijzen. Ook werd veel gebruik gemaakt van geografische prijsverschillen.
De overslag van overig nat massagoed nam toe met een kleine 8 procent tot bijna 32 miljoen ton. Belangrijkste oorzaak is de productietoename van de Europese chemie met ongeveer 5 procent. Daarnaast werden begin dit jaar veel voorraden aangevuld en groeide de export flink. De aanvoer van plantaardige oliën, vooral palmolie, liep iets terug. De afvoer bleef stabiel.
De overslag van biobrandstoffen (biodiesel, ethanol en ETBE) heeft de opgaande lijn nog niet gevonden. De import van ethanol vanuit Brazilië daalde, ten gunste van de Verenigde Staten en Europese landen. De uitvoer, vooral naar het Verenigd Koninkrijk, nam wel toe. Per saldo daalde de overslag van ethanol licht. Ook voor biodiesel, waarvan de overslag fors terug liep, is het VK de belangrijkste bestemming.

Containers 
De behandeling van containers verbeterde zich bijna 12 procent ten opzichte van vorig jaar en werd met 112 miljoen ton weer de belangrijkste goederencategorie in Rotterdam. De groei in TEU’s was dit jaar weer ‘als vanouds’ (Rotterdam is ook een draaischijf voor lege containers) groter: 14 procent tot 11,1 miljoen TEU.
Rotterdam bouwde zijn positie in de kwantitatief grootste ‘trade’, die tussen Europa en Azië, verder uit. Op dit traject worden steeds meer, steeds grotere schepen ingezet die hier gemakkelijker terecht kunnen dan in andere havens.
De roll-on / roll-off sector in Rotterdam is vrijwel geheel gericht op de Britse markt waar de economie nog langzaam herstelt. Dit beperkt de groei van de veerdiensten tot 7 procent en een overslag van 17 miljoen ton. De sector blijft nog 6 procent onder het niveau van 2008 en de financiële marges zijn onder de maat. Door rationalisatie (minder afvaarten maar wel met grotere schepen, de overname van Norfolkline door DFDS) probeert men deze op te vijzelen.
Het overig stukgoed maakte het verlies van 2009 exact goed met een groei van 16 procent. De 7 miljoen ton lading bestaat uit de groeiproducten staal en projectlading, papier- en houtproducten, metalen (aluminium, koper et cetera), auto’s en fruit. Dit jaar werd de oppervlakte voor de behandeling van breakbulk effectief uitgebreid met 26 hectare.

Article bottom ad

Laat een reactie achter

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.