C-Job ontwerpt schip met ‘rotor sails’

0

C-Job Naval Architects heeft aan de Nederlandse scheepvaartmaatschappij Switijnk Shipping het ontwerp geleverd voor een wind-assisted (deels door wind aangedreven) general cargo schip. Het schip van 8.500 DWT wordt uitgerust met twee Norsepower-rotor sails die de hoofdmotoren ondersteunen. Hiermee wordt naar verwachting zo’n 14 procent brandstof bespaard.

C-Job werd benaderd door Switijnk Shipping nadat het bedrijf eerder voor het Europees Interreg Project S@il een Flettner Freighter van 4.500 DWT had ontworpen. Dit kleinere schip had vier rotor sails. Na het bestuderen van de overheersende windpatronen op de voorgenomen vaarroutes van Switijnk besloot C-Job een nieuw schip te ontwerpen, de FF8500, met twee grotere Rotor Sails.

Rotor sails zijn verticale, draaiende cilinders op het dek die een voortstuwende beweging creëren volgens het Magnus-effect. Dat is de voorwaartse kracht die ontstaat uit een draaiende beweging. Omdat het Magnus-effect haaks op de windrichting optreedt, wordt het optimale effect bij Flettnerschepen bereikt als de windrichting 90 graden op de vaarrichting is.

 

Duurzame stuwkracht

“Onze ervaringen binnen het project S@il wezen uit dat Rotor Sails vergeleken met andere wind-assisted systemen de grootste haalbaarheid hebben”, legt manager Jelle Grijpstra van C-Job uit. “De effectiviteit van rotor sails is succesvol gebleken. Verder zijn ze makkelijk in gebruik, veilig, redelijk stil en goedkoper dan andere systemen. Er is ook geen extra bemanning nodig.”

“In samenspraak met de Finse producent Norsepower concludeerden we dat twee grotere rotor sails het meest effectief zijn voor dit project. Die leveren een vergelijkbare voorwaartse kracht als vier kleinere. En met twee rotor sails voor- en achterop het schip is er geen kans op windschaduw die de prestaties beïnvloedt.”

(illustraties C-Job Naval Architects)

Hybride aandrijving

Welke hoofdmotoren de FF8500 krijgt, is nog niet besloten. “Switijnk heeft een heldere visie op duurzame scheepvaart en we zijn blij dat we onze kennis met hen kunnen delen. Wij hebben een omvangrijke staat van dienst in het integreren van systemen en hebben alle opties doorgenomen die kunnen helpen bij het waarmaken van hun ambities. We hebben ruimte vrijgehouden voor LNG-motoren. Of die gebruikt worden, hangt af van LNG-bunkervoorzieningen op de zeilroutes van Switijnk.”

 

Testen

Nu het conceptontwerp af is, is testen bij het Maritiem Research Institute Netherlands (MARIN) de volgende stap. Het doel van het Velocity Prediction Program is om het ontwerp te valideren en de brandstofbesparing te bepalen.

“Als de investeerders hierna overtuigd zijn en de financiering rond is, kan Switijnk verder gaan met het selecteren van een scheepswerf die het schip gaat bouwen”, aldus Grijpstra.

Article bottom ad

Laat een reactie achter

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.